De introductie van moderne decoratieve kunsten in de Musées Royaux des Arts Décoratifs et Industriels: de geschiedenis van de sectie types et modèles contemporains (1889-1911)

Louisa Eysselinckx

Master Erfgoedstudies
2025 — 2026

onderzoek

promotoren
Gerrit Verhoeven
Werner Adriaenssens

De introductie van moderne decoratieve kunsten in de Musées Royaux des Arts Décoratifs et Industriels: de geschiedenis van de sectie types et modèles contemporains (1889-1911)
 

Halverwege 2025 openden in het Museum Kunst & Geschiedenis (MK&G) de deuren van een gloednieuwe zaal gewijd aan Belgische art nouveau en art deco. De aanleg van de art-nouveaucollectie startte reeds eind negentiende eeuw dankzij de in 1889 opgerichte museumsectie types et modèles contemporains. Tot dusver ontbreekt een uitgebreide historiografie van de sectie. Bijgevolg belicht deze thesis de actoren en factoren die destijds de sectie en bijhorende collectie hebben vormgegeven.

In 1889 introduceerde de Belgische overheid de gloednieuwe museumsectie types et modèles contemporains in de Musées Royaux des Arts Décoratifs et Industriels. De musea, nu deel van de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis (KMKG), hadden tot doel de nationale kunstnijverheid te bevorderen door goede voorbeelden te tonen aan arbeiders en industriëlen. Hiermee streefde België een eigen variant na van het South Kensington Museum in Londen. Met de sectie types et modèles contemporains beoogde de overheid een verzameling aan te leggen van de meest opmerkelijke producten van de moderne industrie. De sectie vond echter weinig weerklank en raakte omstreeks 1900 in verval.

Een uitgebreide studie over de geschiedenis van de sectie en waarom ze destijds weinig succes kende is niet voorhanden. Daarom spitste het thesisonderzoek zich toe op de uitbouw van de sectie, de collectievorming en de verschillende actoren die hierbij een rol speelden. De geschiedenis werd in kaart gebracht dankzij archiefonderzoek in de KMKG aangevuld met een personderzoek en literatuurstudie.

Het onderzoek wees uit dat de sectie een moeizame opstart kende, gevolgd door een kortstondige bloeiperiode waarna de activiteiten volledig tot stilstand kwamen. Hieruit ontstond een collectie die zich afscheidde van de industriële producten en zich toelegde op moderne decoratieve kunsten zoals tentoongesteld op de avant-gardesalons in die periode. Bij gebrek aan ruimte werd de groeiende collectie nooit tentoongesteld en bleef ze onzichtbaar voor het publiek. Uiteindelijk werkte een ondermaatse museale ondersteuning en een aflatende interesse van de betrokken actoren de teloorgang van de sectie mee in de hand.

Contact

Louisa Eysselinckx
louisaeysselinckx@outlook.com 

CL1R1SZ