De tand des tijds
Ante De Boeck
Master Erfgoedstudies
2025 — 2026
onderzoek
promotoren
Robbe Vanmassenhove
Overzicht van de test samples waarop zes geselecteerde vulmaterialen werden getest op tandmateriaal: aanvullingen (links) en reproducties (rechts), met bijhorende retouche- en kleursystemen (zie legende).
Resultaat van de aanvulling met Zellaan porseleingips op de hoektanden van de tijgerkop. Links: overzicht van het gebit met aanduiding van de gerestaureerde zone. Rechts: detailopname van de uitgevoerde aanvulling. Foto links door Jeroen Venderickx, ©KBIN.
De tand des tijds
Explorerend onderzoek naar restauratietechnieken voor dentale degradatie in museale context: Case study van een tijgerkop uit het KBIN
Dentale structuren behoren tot de meest kwetsbare onderdelen van historische taxidermiepreparaten. Scheurvorming, delaminatie en materiaalverlies komen veelvuldig voor in natuurhistorische collecties, maar ondanks deze wijdverspreide problematiek bestaan er nauwelijks onderbouwde richtlijnen voor de restauratie van historisch tandmateriaal. Restauratoren vallen daardoor terug op algemene principes of materialen ontwikkeld voor andere toepassingen, zonder dat hun geschiktheid voor tandmateriaal is aangetoond.
Deze thesis onderzoekt, aan de hand van een experimentele testbank, in welke mate materialen uit zowel de restauratieve tandheelkunde als de conservatie-restauratie toepasbaar zijn op historisch tandmateriaal. Zes vulmaterialen werden geëvalueerd op esthetische integratie, droogtijd, techniekflexibiliteit, kostprijs en mogelijke impact op de integriteit van ancient DNA, aangezien tandstructuren een belangrijke bron vormen binnen het opkomende onderzoeksveld museomics. De resultaten werden getoetst aan een concrete casestudy: de restauratie van een genaturaliseerde tijgerkop uit de collectie van het KBIN.
Uit de testbank kwam dental composite naar voren als de esthetisch sterkste optie, maar de toepassing op het specimen toonde dat dit materiaal, net als eerder gedocumenteerd bij epoxyhars en cyanoacrylaat in ivoorrestauratie, onvoldoende verenigbaar is met de museale vereiste van reversibiliteit en onvoldoende aansloot bij de gedehydrateerde kleur van het tandweefsel. Zellaan vormde uiteindelijk de meest geschikte keuze, aangevuld met een isolatielaag van Paraloid B-72 die zowel de reversibiliteit als het theoretische DNA-behoud ten goede komt.
Het onderzoek levert geen universeel restauratiemateriaal op, maar wel een kritisch, laagdrempelig afwegingskader waarin esthetiek, duurzaamheid, reversibiliteit en genetisch onderzoekspotentieel samen worden gewogen, en draagt zo bij aan een onderbouwde restauratiebenadering voor dentale structuren in natuurhistorische collecties.