“Als wij dood zijn is ’t gedaan – Vlaamse schrijvers en representativiteit in de collectie dodenmaskers van het Letterenhuis
Sascha Janson
Master Erfgoedstudies
2025 — 2026
onderzoek
promotoren
Ulrike Müller
“Als wij dood zijn is ’t gedaan” Vlaamse schrijvers en representativiteit in de collectie dodenmaskers van het Letterenhuis
“Als wij dood zijn is ‘t gedaan.” schrijft Willem Elsschot in zijn gedicht “Spijt”. In dit gedicht betreurt hij niet alleen de dood van zijn moeder, maar schrijft hij ook over de sterke verbinding tussen de dood en de tijdelijkheid van het fysieke bestaan. Deze overtuiging kan de verklaring zijn voor waarom er na Elsschots dood een dodenmasker van hem is gemaakt.
Het Letterenhuis in Antwerpen heeft een aanzienlijke collectie dodenmaskers. Hoewel deze collectie een aantal van de belangrijkste Vlaamse auteurs bevat, is er tot op heden weinig onderzoek gedaan naar deze collectie en hoe het feit dat het Letterenhuis deze objecten verzamelt zich verhoudt tot representativiteit in de vorming van de Vlaamse literatuur canon. Het doel van deze thesis is dan ook om deze lacune op te vullen. Deze thesis kijkt naar hoe representatief deze collectie dodenmaskers is voor de Vlaamse literatuur. Om de onderzoeksvraag te beantwoorden wordt in deze thesis eerst dieper ingegaan op de historische context van dodenmaskers als een historisch en cultureel fenomeen. Vervolgens wordt de collectie onderworpen aan een diepgaande kwantitatieve analyse. Tot slot wordt aan de hand van authorised heritage discourse en de canon van KANTL bekeken welke auteurs wel en niet in de collectie te vinden zijn.
Door authorised heritage discourse toe te passen op de canon is gebleken dat de canon helemaal niet representatief is en slechts de bovenlaag van de literatuur vormt. Ten tweede is gebleken dat deze bovenlaag van de literatuur in dezelfde proportie terug te vinden is in de collectie. Bekende auteurs die niet in de canon te vinden zijn en auteurs die niet bekend zijn vormen de rest van de collectie. Hier is te zien dat collectievorming bij het Letterenhuis niet alleen afhankelijk is van de literaire canon, maar ook factoren zoals bestaande netwerken, aanbod van archieven en trends.